Niet in de balans opgenomen regelingen

Concessie

De concessie is in werking getreden op 1 januari 2005 en vervalt met ingang van 1 januari 2015. In 2009 heeft het kabinet de uitkomsten van de eerste evaluatie 2008 gepresenteerd in haar rapport “Spoor in beweging”. Hieruit blijkt dat het in de rede ligt een Beheerconcessie voor onbepaalde tijd te geven, omdat het kabinet ProRail positioneert als de uitvoeringsorganisatie met de focus op de publieke taak en de klanten, het kabinet het beheer niet opsplitst en vanwege de overwegingen van levenscyclusmanagement.
Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft aangegeven dat zij in 2012 over de invulling van de beheerconcessie vanaf 2015 in gesprek wil treden. De minister heeft op 13 januari 2012 aan de Tweede Kamer gemeld dat ProRail verantwoordelijk is en blijft voor het beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur.

Investeringsverplichtingen

De aangegane financiële verplichtingen inzake investeringen en onderhanden projecten bedroegen per 31 december 2011 circa EUR 1,3 miljard (2010: EUR 1,5 miljard). De daling wordt verklaard door de voortgang op de afloop van grote investeringsverplichtingen (bijvoorbeeld ten behoeve van de Hanzelijn en project Vleugel); er zijn in 2011 geen nieuwe investeringsverplichtingen van vergelijkbare omvang aangegaan.

Onderhoudscontracten

Het onderhoud aan de spoorinfra is via zogeheten Output Proces Contracten (OPC) en Prestatie Gericht Onderhoud contracten (PGO) met spooraannemers gecontracteerd.
Alle OPC contracten zullen op termijn overgaan in PGO contracten.
Voor OPC wordt jaarlijks onderhandeld over de budgetomvang als gevolg van wijzigingen (projecten, regelgeving en/of wetgeving), hetgeen resulteert in een jaarovereenkomst onder een raamovereenkomst.
Voor het jaar 2012 zijn verplichtingen aangegaan voor de periode van één jaar of minder (wanneer de overgang naar PGO in 2012 valt) met een totale waarde van circa EUR 65 miljoen.
Voor het overige onderhoud zijn Prestatie Gerichte Onderhoud contracten (PGO) door middel van een Europese aanbesteding afgesloten voor de duur van 5 jaren. Van deze nieuwe contracten zijn er eind 2011 reeds zes operationeel. De verplichtingen voor de komende jaren zijn daarvoor in totaal EUR 151 miljoen (<1 jaar EUR 45 miljoen, 1-5 jaar EUR 106 miljoen).

Milieuvergunningen

Milieuwetgeving verplicht ProRail om milieuvergunningen te verkrijgen voor haar emplacementen. In deze milieuvergunningen is de toegestane milieuruimte geregeld, dat wil zeggen de hoeveelheid geluid die mag worden gemaakt en welk risico vanwege het rangeren met gevaarlijke stoffen toelaatbaar is. De verplichtingen die hieruit voortvloeien hebben geleid tot (geluids-)bronbestrijdende maatregelen aan het rijdend materieel.
Voor de emplacementen heeft ProRail het uitvoeringsprogramma geluid op emplacementen (UPGE) gestart. Eind 2011 zullen de betrokken emplacementen voorzien zijn van voegloze sporen en installaties die piepend booggeluid wegnemen. Daarnaast is het op enkele emplacementen nodig om aanvullende geluidsschermen te plaatsen. Deze worden deels in 2012 gerealiseerd; een beperkt aantal zal echter mogelijk pas in 2015 gereed zijn.
Na afronding van het programma UPGE voldoen alle emplacementen aan de geluidsnormen uit de Handreiking Industrielawaai, of aan de eisen uit de milieuvergunning indien deze hogere waarden dan de Handreiking toelaat.
Uitgangspunt bij deze aanpak is dat zogenaamde piekgeluiden niet meer volledig weggenomen hoeven te worden. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft hiertoe de circulaire ‘Beoordelingswijze piekgeluiden voor spoorwegemplacementen’ d.d. 19 december 2003 verspreid. In enkele beroepsprocedures is de werkwijze uit de circulaire ter discussie komen te staan. Om deze reden werkt het ministerie van Infrastructuur en Milieu nu aan de omvorming van de circulaire in een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB), zodat het beoordelingskader geen interpretatieruimte meer toelaat. Voor de succesvolle afsluiting van UPGE is de AMvB een voorwaarde. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft in totaal EUR 112 miljoen beschikbaar gesteld voor UPGE. Voor een aanpak om aan ongewijzigde normen te voldoen zou EUR 2 à 3 miljard noodzakelijk zijn.

Pensioenverplichtingen

ProRail is aangesloten bij de pensioenregeling voor de bedrijfstak Spoorwegen die is ondergebracht bij het Spoorwegpensioenfonds. Deze pensioenregeling geldt voor alle medewerkers in loondienst van ProRail en verplicht ProRail tot het betalen van een vooraf vastgestelde jaarlijkse premie. De premie die met het Spoorwegpensioenfonds is overeengekomen, is een jaarlijks stijgend percentage van de loonsom. Het percentage is in 2011 gestegen naar 4,3% (2010: 3,7%). Het percentage zal jaarlijks toenemen tot het kostprijsdekkende niveau van 20%. De onderneming heeft na betaling van de overeengekomen premie geen verplichting tot het betalen van aanvullende bedragen in geval sprake zou zijn van een tekort bij het pensioenfonds. De actuariële risico’s en de beleggingsrisico’s liggen bij het pensioenfonds en zijn deelnemers.
Van de pensioenpremie die aan het Spoorwegpensioenfonds wordt afgedragen komt 2/3 deel voor rekening van de onderneming en 1/3 deel voor rekening van de medewerkers.
De dekkingsgraad is een indicator voor de vermogenspositie van het pensioenfonds en geeft de verhouding weer tussen de bezittingen en de verplichtingen van het pensioenfonds. Het spoorwegpensioenfonds had een dekkingsgraad van 110% per 31 december 2011 (voorlopige berekening). De wet- en regelgeving stelt eisen aan de berekening van de dekkingsgraad en het minimum niveau van de dekkingsgraad (105%). Per 31 december 2011 voldeed het spoorwegpensioenfonds aan deze minimum dekkingsgraad. Hiernaast is er wel sprake van een zogenaamd reservetekort. Het Spoorwegpensioenfonds heeft daarom een herstelplan ingediend bij De Nederlandsche Bank ter goedkeuring.

Meerjarige dienstverleningscontracten

ProRail heeft overeenkomsten afgesloten voor levering van diensten op het gebied van huisvesting, IT-beheer, ARBO, personeel- en salarisadministratie. Hieruit vloeit een verplichting voort van circa EUR 0,2 miljard (2010: EUR 0,2 miljard). Hiervan loopt EUR 6 miljoen binnen een jaar af, EUR 116 miljoen van de overeenkomsten heeft een looptijd van 1 tot 5 jaar en EUR 46 miljoen van de overeenkomsten heeft een looptijd van meer dan 5 jaar.

Garantie Relined B.V.

ProRail heeft zich, als eigenaar van een glasvezelnetwerk, garant gesteld om de rechten en plichten van Relined B.V. over te zullen nemen, indien Relined B.V. niet langer de huurovereenkomst van glasvezelkabels met SURFnet B.V. kan nakomen. SURFnet B.V. is verantwoordelijk voor het GigaPort-project, een Nederlands initiatief gericht op de ontwikkeling van elektronische communicatie in termen van netwerkstructuur. Hierbij wordt gebruik gemaakt van ‘Dark Fiber’ glasvezelkabels, die tot 1 januari 2021 worden gehuurd van Relined B.V.

Samenwerkingsprotocol RWS

In 2001 is een samenwerkingsprotocol tot stand gekomen tussen Rijkswaterstaat en het voormalige Railinfrabeheer B.V. Het protocol geeft aan hoe partijen met elkaar omgaan op het gebied van beheer en onderhoud (inclusief vervanging), indien er sprake is van aanraking van elkaars infrastructuur. De totale vervangingswaarde van de betreffende 89 kunstwerken is geraamd op EUR 1,4 miljard. Afspraken, hoe om te gaan met daadwerkelijke vervangingen (structureel vanaf 2015) en hoe deze te financieren, worden meegenomen in het overleg tussen het ministerie van Infrastructuur en Milieu en ProRail B.V.  Voordat dit overleg is afgerond, wordt voor noodzakelijke vervangingen gezocht naar ad hoc oplossingen. Uitgangspunt hierbij is dat de overnemende partij (beheerder) hiervan geen financieel nadeel mag ondervinden.

Claims

ProRail B.V. is van tijd tot tijd betrokken in rechtsgeschillen naar aanleiding van ingediende, doch betwiste claims. Mede gebaseerd op juridisch advies, heeft de Directie een voorziening opgenomen inzake een beperkt aantal lopende zaken en is de Directie voorts van mening dat de uitkomst van de overige lopende zaken geen invloed van materiële betekenis zal hebben op de financiële positie van ProRail B.V.

Railstock

De Supply, Logistics & Servicemanager Voestalpine Railpro B.V. houdt voor eigen rekening en risico voorraad, de zogenoemde Railstock, aan van een omvang en samenstelling als door ProRail is vastgesteld. De Railstock is primair bedoeld als calamiteitenvoorraad ten behoeve van correctief onderhoud. Daarnaast worden materialen in de Railstock opgeslagen die voor ProRail van strategisch belang zijn. ProRail heeft hiervoor een contract afgesloten met Voestalpine Railpro B.V. Na beëindiging van het contract heeft ProRail een afnameverplichting van de volledige Railstock tegen de dan actuele voorraadwaarde vermeerderd met eventuele afvoerkosten. Het huidige contract heeft een looptijd tot medio 2012. Het is de intentie van ProRail om het beheer van de Railstock uit te besteden aan een derde partij. De waarde van de Railstock bedraagt ultimo 2011 EUR 3 miljoen (2010: EUR 3 miljoen), waarvan EUR 0,5 miljoen incourant.

Reisinformatie

De minister heeft in het kader van het verbeteren van de reisinformatie aan de reiziger besloten de verantwoordelijkheid hiervoor in één hand te leggen, en wel bij NS. ProRail is voornemens om, als gevolg van dit besluit, per 1 juli 2012 mensen en middelen met betrekking tot reisinformatie aan NS over te dragen. De overdracht van middelen brengt een overdracht van activa met zich mee, waardoor de omvang van de hoogte van de balanspost materiële vaste activa zal dalen. De hoogte van de daling is afhankelijk van de over te dragen scope en waarde op het moment van de overdracht. De overdracht zal naar verwachting resultaat neutraal worden uitgevoerd

Utrecht, 14 maart 2012

 

Directie ProRail B.V.

Mevrouw M.W. Gout-van Sinderen, president-directeur

H.P.M.G. Steeghs

P.M.E. Dirix

 

Raad van commissarissen ProRail B.V.

M.A.M. Boersma, president-commissaris

W.E. Kooijman

Mevrouw C.J.G. Zuiderwijk-Jacobs

Mevrouw J.G.H. Helthuis

P.T.H. Timmermans